maandag 12 november 2012

Opdracht 4


Lesfiche plastische opvoeding
Droomlandschappen. Heel ver; heel dichtbij (150 minuten)
 
Lesbegin 15’
Sfeerschepping
Richten op  A van de les
ð  Korte omschrijving: Leerlingen aan bord vragen. Vragen om 3 voorwerpen te tekenen en ze dan naar grootte te laten rangschikken. Vervolgens ze op getekende grootte laten rangschikken {nrs} Vervolgens vragen welke het verst liggen? Hoe zie je dat = kleiner. Is wat naar voor ligt dan ook groter ? Wat als we geen rekening zouden houden met de afstand waarop voorwerpen van ons liggen? Welk effect verkrijgen we dan = vreemd, onwerkelijk, niet-bestaand,…
ð  Probleemstelling: Hoe kunnen we een landschap Bizar en surreëel laten overkomen?

Inleiding
Zorgen dat A vertaald wordt in een uitvoeringsvorm.
A had je al, nu O en P toevoegen.
ð  Kunst- en beeldbeschouwing  
Je helpt je leerlingen om KB plastisch te onderzoeken en zo een antwoord te vinden op je probleemstelling. De antwoorden zijn BA of M/T.

OLG:
Wat?
Waarom is het een landschap ?
Hoe zie je dat die bergen op de achtergrond zich ver van ons bevinden ?
Hoe zijn die afgebeeld? Kleiner en waziger.
Welk gevoel?
Waardoor krijg je dat gevoel ?
Als je de vergrote/ verkleinde voorwerpen weglaat denk je dat je dat gevoel nog zal krijgen ?

Filmfragment Youtube:
Bekende Surrealist : Salvador Dali
Al iemand van gehoord ?


§  O: Een landschap dat 3 zelfgekozen “surreële” voorwerpen bevat
  • A: bizar, dromerig, vreemd.      
  • P: een collage
Weet iemand hoe je een collage maakt ?

Opdrachtformulering
§  Maak een collage op A-3 formaat van een “droomlandschap” waarin 3 zelfgekozen voorwerpen inzitten die door vervorming het vreemde effect vergroten.
 
Lesmidden
Uitvoeringsfase 1: 
Titel uitvoeringsfase 
 
 25’ (vervang de XX door een tijd in minuten.)
Elke leerling brengt tegen deze les uiteenlopende foto’s van verschillende landschappen en eenvoudige voorwerpen mee.

Demonstratie landschap tekenen:
We hebben al gezien dat dingen die verder van ons staan, kleiner afgebeeld staan. Weet iemand hier de benaming voor ? perspectief T
Demo bord
*Beginnen met het aanduiden van de horizon lijn + wat is de horizon ?
              
Opgelet bij het kiezen van de horizon : veel ruimte ervoor laat je toe veel diepte te creëren maar een te klein aandeel boven de horizon kan nadelig en ergerlijk zijn. Kies dus ook goed de ligging van je blad.

*Onderzoek met de leerlingen: hoe plaats ik de voorwerpen in het landschap ? vb met fles, bal en lamp.
-Dingen die verder liggen zijn waziger en minder sterk aangezet: dus lijnhardheid potlood M
                - je kan de voorwerpen afsnijden wanneer ze bvb achter een heuvel of      aan de horizon liggen, om aan te tonen dat ze zich erachter bevinden.
- je kan er andere voorwerpen bijplaatsen met de juiste verhoudingen om de vervorming van het ene object te versterken. Bvb even grote bal als bergen aan de horizon.


De leerlingen maken een ontwerpschets aan de hand van de foto’s die ze gekozen hebben in potlood : Wat voor landschap neem ik en wat voor voorwerpen + hoe plaats ik ze erin ? zet aan tot creatief denken.


  • M: Potlood, gom; A-3 papier
  • T  : Tekentechniek.
  • Ba: Vorm door Waarneming- vervorming ,Ruimte door perspectiefwerking, compositie door keuze plaatsing objecten.     

ð  Tussentijdse evaluatie : zijn de doelstellingen bekomen?

Uitvoeringsfase  2, 3, … 75’
Elke leerling brengt tegen deze les zijn foto’s van vorige les mee, een lijmstick, een schaar en A3 papier.

KB: Welk van de 2 ovalen springt het meeste naar voor?


http://upload.wikimedia.org/wikipedia/commons/7/78/Atmosferisch_perspectief.gif

Dit is zo omdat blauw tegenover rood een koude kleur is en rood tegenover blauw een koude kleur.
Dit werd veel toegepast tijdens de renaissance:


Joos de Momper (1564-1635) Heuvellandschap met reizigers.
Leerling vragen om overgang tussen blauwe en rode tinten aan te wijzen.

OLG: Je kan dus zeggen hoe verder iets zich van ons bevindt;
-hoe waziger
-hoe kouder de kleur.
-hoe kleiner

De leerlingen na een korte demonstratie van knippen, plakken en scheuren rond 1 tafel, zelf aan de slag laten gaan. Ze mogen verderwerken op hun schets of een nieuwe schets maken en daarop verderwerken.

  • M: Foto’s; A-3 papier
  • T  : Knip- en placktechniek, scheuren.
  • Ba: Vorm door Waarneming,Ruimte door perspectiefwerking, compositie door keuze plaatsing objecten, Kleur door samenvoeging.    

VB: collage vanuit kleurvlakken:
http://www.geekalerts.com/nintendo-collage-prints/


KB: 
 
Leseinde
Evaluatie 10’
Opruimen 10’
Zijn de doelstellingen van de les bereikt? Hiervoor keer je terug naar de probleemstelling.
è  Productevaluatie: uitwerkingen klassikaal bespreken
è  Procesevaluatie: Vragen waar de moeilijkheden zaten en hoe de leerlingen de opdrachten ervaarden.

Aanzet tot creativiteit: De leerlingen worden gemotiveerd om na te denken over enkele aspecten van perspectief en hoe lijnen en kleuren daarin meespelen. Ze leren niet na te denken over hoe ze  zomaar voorwerpen op hun blad moeten schetsen maar gaan dieper in op het creëren van ruimte.

Eigen VB:


 

Geen opmerkingen:

Een reactie posten